Leve kernenergie! Of misschien toch maar niet?

 

Wie afgelopen zondag Arjen Lubach heeft gezien, zal het warme pleidooi voor kernenergie dat hij in zijn uitzending hield niet zijn ontgaan. Zonder kernenergie zouden we de klimaatdoelen van Parijs nooit kunnen halen, zonne- en windenergie waren daartoe ten enenmale onvoldoende en de gevaren en nadelen van kernenergie werden schromelijk overdreven.

Ook Klaas Dijkhoff deed daarop een duit in het zakje: de VVD was natuurlijk voor kernenergie, altijd al geweest, en nog steeds, ja nu zelfs meer dan ooit, want het klimaat en de doelen van Parijs, en ga zo maar door.

Waarop volkskrantcolumnist Max Pam er nog een schepje bovenop deed en verklaarde dat alle tegenstanders van kernenergie zich gedragen als een kip zonder kop.

Goed.

Laat ik vooropstellen dat het betoog van Lubach mij wel tot nadenken stemde. Als het zonder kernenergie echt niet lukt om de gevolgen van de klimaatverandering nog een beetje binnen de perken te houden, moeten we tenminste bereid zijn daar serieus over na te denken. Vind ik.

Wel viel mij op dat Lubach, Dijkhoff en Pam ons alsmaar stijgende energieverbruik als een simpel gegeven beschouwden waaraan niet te tornen viel. Terwijl ik mij nu juist afvraag of er niet ook hier nog een wereld te winnen valt. Onze dagelijkse energieverspilling vinden we kennelijk al zo vanzelfsprekend, dat we er helemaal niet meer bij stilstaan.

Voorbeelden?

Wel eens op een stralende zomerdag in een zonovergoten coupé in de trein gezeten met alle lichten aan? Let er maar eens op. Gek hè? Kennelijk nergens een knopje om ze uit te doen als dat niet nodig is.

Wel eens op zo’n gezellig, door terrasbranders verwarmd buitenterras gezeten in de herfst of in de winter? De binnenstad van Utrecht, waar ik woon, is ermee vergeven. Wij isoleren onze huizen, maar de horeca serveert ons gewoon gebakken (buiten)lucht.

Wel eens een Mediamarkt binnengewandeld? Die leuke winkels vol met consumentenelektronica en honderden flikkerende beeldschermen op rij die gewoon de hele dag aanstaan?

Of de laatste tijd nog een dvd-speler, tv of een ander stukje consumentenelektronica gekocht, en u ook afgevraagd waar de aan/uitknop zit? Die hebben ze meestal niet. Je apparaat staat op aan of op stand-by. Uitzetten kan alleen door de stekker er uit te trekken.

‘k Herinner mij dat Diederik Samsom ooit eens zei, en of het waar is weet ik niet, dat je door alle apparaten die nu stand-by staan uit te zetten al een hele kolencentrale uitspaart.

Misschien ook een kerncentrale?

Kernenergie dus misschien … als het echt niet anders kan. Maar niet om onze dagelijkse energieverspilling te faciliteren. Want dat vind ik nu je gedragen als een kip zonder kop.

 

Afbeelding

Goudwesp

Goudwesp Botanische Tuinen Fort Hoofddijk

Conocephalus dorsalis

De foto boven toont een goudwesp. Daarvan komen er in Nederland en België meer dan zestig soorten voor, en welke dit is weet ik niet. Maar gelukkig is er ook nog waarneming.nl waar je door de foto in te voeren de soort automatisch kunt laten bepalen. Handig.

Volgens waarneming.nl is mijn goudwesp een sprinkhaan, om precies te zijn een gewoon spitskopje (Conocephalus dorsalis).

Agonum sexpunctatum

Goed, nog maar eens proberen dan: flink bijsnijden die foto en nogmaals invoeren. Nu is mijn goudwesp volgens waarneming.nl gemuteerd in een zespuntmoerasloopkever (Agonum sexpunctatum).

Kafkaëske toestanden 🙂

Mijn conclusie: hier word ik ook niet wijzer. Maar je blijft wel lachen 🙂

Tot slot nog een paar foto’s die ik een paar dagen geleden in de Botanische Tuinen maakte. Klik er maar op.

Afbeelding

Terug van weggeweest

fam mus

vader (l) en moeder (r) Mus

Na een lange periode van afwezigheid is de familie Mus teruggekeerd in mijn tuintje. Er was een tijd dat ze (vader en moeder Mus, de kinderen Mus, de ooms en tantes Mus, de neven en achterneven Mus) mijn tuintje regelmatig bezochten en mij iedere dag opnieuw verblijdden met hun vrolijke gesjilp en gekwetter.

Maar op een kwade dag kwam daaraan abrupt een eind. Gone with the wind, über alle Berge, met de noorderzon vertrokken, weg waren ze. Geen vrolijk gesjilp en gekwetter meer in mijn tuintje …

Mannen met grote knipscharen waren gekomen en hadden in opdracht van gemeente of woningbouwvereniging de klimop waarin ze huisden van het muurtje bij de buren gerukt. Want opgeruimd staat netjes en al die klimop tast het metselwerk maar aan.

Dachten ze. De stommeriken!

De familie Mus wist wel beter, want klimop is geen parasiet en zorgt zelfs voor extra isolatie en een droge muur. Maar hun was natuurlijk weer eens niets gevraagd.

En dus moesten ze vertrekken.

En verloor ik de familie Mus voor jaren uit het oog.

Nu zijn ze dus weer terug in mijn tuin, de kleine brutaaltjes. Nog niet in zo groten getale als voorheen, maar ik tel er toch al gauw weer een stuk of zeven acht …

En ik hoop vurig dat ze intussen ergens dicht in de buurt een nieuw onderkomen hebben gevonden dat bestendiger is dan klimop die zomaar weer door domme mensen van de muur kan worden getrokken …

Welkom thuis, familie Mus!